Ooglidcorrectie (Blepharoplastiek)

Het goed functioneren van de ogen hangt mede af van de positie en functie van de oogleden. Bovendien hebben de oogleden grote invloed op het uiterlijk. De meest voorkomende afwijkingen van de bovenoogleden zijn een teveel aan huid en een hangend ooglid.

De onderoogleden kunnen - vooral op oudere leeftijd - naar binnen of naar buiten draaien. Al deze afwijkingen kunnen irritatie van de ogen en verslechtering van het zien veroorzaken. Een operatie kan uitkomst bieden. Bij een ooglidcorrectie verplaatst of verwijdert de oogarts de overtollige hoeveelheden vet en huid. Wanneer het beide bovenoogleden betreft, worden rechts en links in het algemeen in één sessie behandeld.

Waarom een ooglidcorrectie?
De huid van de oogleden is erg dun en daardoor gevoelig voor uitrekking. Veel mensen ontwikkelen dan ook in de loop der jaren een teveel aan huid in de oogleden. Een gering teveel aan huid in de oogleden is alleen cosmetisch storend. Wanneer de huid echter over de ooglidrand hangt, veroorzaakt dit beperkingen van het bovenste gezichtsveld. Vaak verslapt niet alleen de huid, maar ook het onderliggende bindweefsel. Hierdoor kan vet uit de oogkas naar voren gaan uitpuilen. Dit veroorzaakt zwelling van het ooglid.

Voorafgaand aan de behandeling

De oogarts overlegt met u wat de problemen zijn met uw oogleden en wat u hieraan kunt laten doen. De oogarts bespreekt de voor- en nadelen van een correctie en overlegt welke operatietechniek het beste bij u past. Op deze manier kunt u weloverwogen een goede beslissing nemen.

Geen bloedverdunnende medicijnen
Om bloedingen tijdens en na de operatie zoveel mogelijk te beperken, is het van groot belang dat u geen bloedverdunnende medicijnen gebruikt. Dit zijn allereerst de medicijnen, die aspirine of acetylsalicyl-zuur bevatten. Het gebruik hiervan moet ten minste 4 dagen van tevoren worden gestaakt. Gebruik van antistollingsmiddelen via de trombosedienst moeten ten minste 3 dagen van tevoren worden gestaakt. Dit dient wel eerst overlegd te worden met de huisarts en eventueel de internist of cardioloog. De aspirinepreparaten kunnen in het algemeen direct na de operatie weer worden genomen. Ook andere medicijnen kunnen invloed hebben op de operatie. Meld daarom alle medicijnen die u gebruikt aan uw oogarts.

De behandeling

Een ooglidcorrectie wordt poliklinisch uitgevoerd. Wij raden u aan iemand mee te nemen, zodat u na afloop van de ingreep onder begeleiding naar huis kunt. De ingreep neemt per ooglid ongeveer 30 minuten in beslag. Om te zorgen dat u er niets van voelt, krijgt u een plaatselijke verdoving. De oogarts plaatst een sneetje in de natuurlijke plooi van uw ooglid. Dit stelt de oogarts in staat om de overtollige hoeveelheid huid en vet te verwijderen. Het litteken valt zo in de natuurlijke ooglidplooi. Het sneetje wordt vervolgens met een dunne hechting gesloten.

Na de behandeling

De oogleden moeten de hele dag gekoeld worden. We raden u aan om een zogenaamd oogmasker te kopen (doorzichtig, gevuld met blauwe vloeistof). Dit masker dient u bij kamertemperatuur te gebruiken. Het is verstandig thuis nog enige tijd rustig te gaan liggen met een verkoelend oogmasker of verband op uw oogleden. Een week na de operatie volgt een controle bij de oogarts en worden de hechtingen verwijderd. Ook dit gebeurt poliklinisch en vergt geen extra maatregelen, omdat het vrijwel pijnloos is. De pleistertjes vallen meestal na een paar dagen vanzelf af als de wond is opgedroogd. Als dat niet is gebeurd, worden ze tegelijk met de hechtingen weggehaald.

De huid rond de ogen, met name van het onderooglid, kan nog twee tot drie weken licht gezwollen zijn of enigszins blauw verkleurd. Ook kan een trekkend gevoel rond de ogen optreden, soms zelfs jeuk. De eerste dagen na de operatie mag u niet zwemmen. Ook is zwaar tillen niet verstandig. Het gezicht wassen met lauwwarm water is wel toegestaan. Na ongeveer 12 weken zijn de littekens vrijwel onzichtbaar en kan van een eindresultaat worden gesproken.

Bijwerkingen van een ooglidcorrectie

We noemen hier de meest voorkomende bijwerkingen van ooglidcorrectie.

Zwelling en tijdelijke ongevoeligheid van het ooglid
Iedere operatie veroorzaakt weefselreactie. Het bij de lidrand gelegen deel van het bovenooglid is hierdoor na de operatie dikker. Deze zwelling neemt geleidelijk af, maar het kan enkele maanden duren voor het ooglid een volledige normale dikte heeft. Bij het verwijderen van huid worden automatisch ook de zenuwen die door de huid lopen aangeraakt. Hierdoor is het ooglid een aantal weken wat gevoelloos. Ook dit herstelt zich geleidelijk.

Littekens
Littekens zijn meer een gevolg van reactie van de weefsels op de operatie, dan van de gebruikte technieken. Wanneer wonden bij u in het algemeen mooi genezen, heeft u meer kans op een mooi litteken dan wanneer littekens bij u altijd goed zichtbaar zijn. Overigens wordt het litteken zoveel mogelijk in de huidplooi geplaatst, zodat het niet of nauwelijks zichtbaar is, wanneer u rechtuit kijkt.

Kleurverschillen
De kleur van de huid in het bovenooglid verloopt bij veel mensen van boven naar onder, enigszins van licht naar donker. Wanneer een deel van de huid wordt verwijderd, ontstaat er een plotselinge overgang in kleur tussen de huid boven en onder het litteken. Kleurverschillen worden ook veroorzaakt doordat de bloedvaten in het onderste deel van het ooglid na de operatie een tijdlang wijder open blijven. Hierdoor is het bovenooglid de eerste tijd na de operatie roder. Dit is vooral te zien bij mensen met een dunne huid en lichte huidskleur. Om het litteken zo goed mogelijk te laten genezen, raden wij u aan om het ultraviolette licht van de zon of zonnebank te mijden.

Verschil tussen links en rechts
Na een correctie van het bovenooglid kan er enige asymmetrie in de positie van de huidplooi ontstaan. Slechts zelden is dat cosmetisch storend. Mocht dat wel zo zijn, dan is het probleem in de meeste gevallen op te lossen door nog een reepje huid te verwijderen.

Complicaties van de behandeling

Ooglidcorrectie heeft dezelfde risico’s als elke andere operatie. Hier worden enkele complicaties als gevolg van de operatie genoemd.

Nabloeding
Een enkele keer komt er een meer dan normale bloedlekkage voor. Dit is zelden ernstig, maar het duurt wel langer voordat de oogleden er weer normaal uitzien.

Infectie
Wanneer in de dagen na de operatie de pijn toeneemt, kan een infectie de oorzaak zijn. Neem in dat geval contact op met uw oogarts. Soms is behandeling met antibiotica nodig.

Het eindresultaat

Het resultaat van een ooglidcorrectie is meestal langdurig, maar afhankelijk van verdere verslapping van het weefsel. Uw oogarts zal u voorafgaand aan de operatie nog wijzen op zaken, zoals mogelijke risico’s die voor uw specifieke situatie van belang zijn.

Meer informatie?

Hierboven hebben wij in het kort uitgelegd wat een ooglidcorrectie zoal inhoudt en wat er aan gedaan kan worden. De beschreven standaardbehandelingen kunnen in gevallen, die dat vereisen, aangepast en gewijzigd worden volgens het oordeel van de behandelende specialist.

Wilt u meer weten over uw specifieke geval over deze oogaandoening, belt u ons gerust. Onze specialisten staan graag voor u klaar en geven u deskundig antwoord op al uw vragen.

Terug naar het overzicht