Orthoptie bij kinderen
Wanneer door het consultatiebureau of de schoolarts wordt vastgesteld dat uw kind niet alles goed kan zien, moet uw kind naar een oogarts en/of orthoptist. Een orthoptist is een specialist voor kinderoogziekten.
Dit onderzoek is niet zo eng als het klinkt. De orthoptist doet allemaal spelletjes om te kijken of er iets mis is met de ogen van uw kind. De meeste kinderen vinden een afspraak bij de oogarts daarom juist wel leuk!
De orthoptist schijnt eerst met een lampje in de ogen om te kijken of deze goed rechtstaan. Daarna mag uw kind in het toverboek kijken. Hiervoor krijgt uw kind een speciale bril op met een groen en een rood glas. Wat ze in haar toverboek kunnen zien mogen ze zelf ontdekken! Dan gaat de orthoptist kijken hoe goed uw kind ziet zonder bril. Ze laat een paar plaatjes zien die ver weg staan, en vraagt welke daarvan goed te zien zijn.
Als laatste worden een paar oogdruppels toegediend waarvan uw kind een beetje minder goed gaat zien. Zodra deze druppels goed werken mag in de kijkdoos worden gekeken. In deze kijkdoos kun je een sterretje zien. Terwijl uw kind naar het sterretje kijkt, kijkt de orthoptist of een bril noodzakelijk is. Daarna schijnt de oogarts nog even met een lampje in de ogen waarme hij ook de binnenkant van de ogen goed kan zien en onderzoeken.
Aan het einde van het onderzoek vertelt de orthoptist wat er nu gaat gebeuren. Misschien moet uw kind een bril gaan dragen. Sommige kinderen hebben een lui oog. Dit betekent dat één van de ogen niet goed genoeg heeft leren kijken. Over het oog dat wel goed kan kijken wordt dan een pleister geplakt, zodat deze gaat slapen. Het andere oog moet dan extra zijn best doen en leert ook goed te kijken.